dinsdag 13 april 2010

Snijbonen

De Snijbonenstruik slingert zich liefst rond een draad of staaf. Amper drie weken heeft hij nodig om helemaal tot boven te klimmen en de eerste bloemen tot ontwikkeling te brengen. Even later vormen zich brede, smalle peulvruchten die je kunt identificeren als snijbonen. Snijbonen werden vroeger in smalle reepjes gesneden (vandaar de naam) en ingemaakt (zoals zuurkool) omdat de oudere variëteiten een wansmakelijke vezelige textuur hadden. Die nadelige eigenschap is intussen helemaal weggecultiveerd.

Dankzij de malse smaak van nieuwe varianten consumeert men de groente steeds vaker vers. De reepjes worden breder gesneden (circa 2 centimeter) om het aroma ten volle uit te spelen. Je kunt snijbonen trouwens ook op zijn geheel klaarmaken: eerst even blancheren, en daarna met look bakken, bijvoorbeeld.

Net als andere bonen zijn snijbonen zeer voedzaam. Peulvruchten bevatten niet alleen veel koolhydraten, maar ook uitzonderlijk veel eiwitten. Dat maakt hen geschikt als hoofdbestanddeel van een evenwichtige vegetarische maaltijd.
 
Teelt
De bonen worden aan stokken of touw geteeld. Als stok wordt meestal een tonkinstok gebruikt, maar ook wilgenstokken zijn zeer bruikbaar. Omdat de peulen nogal vliezig kunnen worden moet er minstens drie keer per twee weken geoogst worden. Er kan meestal 10 tot 12 keer per teelt geoogst worden.

De volgende vollegrondsteelten worden onderscheiden:
  • Vroege teelt. Voor deze teelt worden de bonen onder glas voorgekiemd. Er wordt tussen half april en begin mei in perspotjes van 8 centimeter gezaaid en ongeveer tien dagen later uitgeplant onder plastic of in de vollegrond. Geoogst wordt er van begin juli tot half augustus.
  • Normale teelt. Vanaf half mei wordt er ter plaatse gezaaid. De oogst begint eind juli.
  • Late teelt. De bonen worden in juni ter plaatse gezaaid. De oogst valt van eind augustus tot eind september als er niet eerder nachtvorst optreedt.
De plantafstand bij stoksnijbonen varieert. Een veelgebruikte plantafstand is 120 bij 50 centimeter. De plantafstand bij stamsnijbonen is 50 centimeter tussen de rij en 12 centimeter in de rij.
 
Consumptie
Behandel de bonen voorzichtig bij het spoelen. Ze zijn gevoelig voor kneuzingen. Haal het steeltje bovenaan de boon weg en snij eventueel ook de onderkant even bij. Kook of stoom de bonen eerst vooraleer ze verder te gebruiken. Men kan ze nadien nog even fruiten met wat ui.
 
Bewaren/bewerken
Bewaar verse bonen in het groentevak van de koelkast. Op die manier kunt u ze nog 5 dagen bewaren. Reeds versneden snijbonen eet u best nog de dezelfde dag.

Behandel de bonen voorzichtig bij het spoelen. Ze zijn gevoelig voor kneuzingen. Haal het steeltje bovenaan de boon weg en snij eventueel ook de onderkant even bij. Kook of stoom de bonen eerst vooraleer ze verder te gebruiken. Men kan ze nadien nog even fruiten met wat ui .

Voedingsstoffen
De voedingswaarde van 100 gram verse snijboon is:
Energetische waarde: 75 kJ
Koolhydraten: 2 gram
Eiwit: 2 gram
Vet: 0,2 gram
Vitamine C: 15 mg
Caroteen: 0,20 mg
Vitamine B1: 0,07 mg
Vitamine B2: 0,06 mg
Calcium: 40 mg
IJzer: 0,5 mg

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen